Duidelijk

Duidelijke-taal

Ik werk deze dagen onder andere aan een ondernemingsplan voor een non-profit-organisatie. Het wordt een tekst waarin staat waarom de organisatie bestaat, wat daarom hun plannen zijn en hoe ze dat gaan aanpakken. Geen ingewikkelde volzinnen. Duidelijke taal. Zonder kinderachtig te worden.

Een mooie opdracht. Een belangrijke opdracht. Want ook mensen met een lage opleiding en mensen die niet in Nederland zijn geboren moeten het begrijpen. Ik worstel bijvoorbeeld met een zin als ‘Het huishoudboekje moet kloppen. Dit jaar, maar ook de komende jaren.’ Ik denk dat ook laagopgeleide Nederlanders die zin begrijpen. Maar als je in Syrië bent geboren, snap je die zin dan ook?

Voor ons nieuwe huis verdiep ik mij deze dagen ook in verzekeringsvoorwaarden. Vanwege deze opdracht las ik met meer dan gewone belangstelling de voorwaarden van FBTO. Zij schrijven bijvoorbeeld:

U bent niet verzekerd als u belangrijke informatie over uw situatie of de schade niet of verkeerd heeft gemeld. En als wij u niet verzekerd zouden hebben als wij deze informatie hadden geweten.

Mooi, vind ik, duidelijk.

Dan lees ik op Twitter tekst van een andere verzekeraar. Een verzuimverzekeraar. Zij schrijven over begeleiding door de huisarts:

Die kan wel zeggen: doe maar even een tijdje rustig aan. Maar daar gaat de huisarts helemaal niet over.

Duidelijke taal, ik hou er van. Maar je kunt overdrijven.

 

Oud nieuws

Schermafbeelding 2017-06-28 om 09.02.45
Ongelukken zaten in een klein hoekje, in die tijd (1927)

Gisteravond bladerde ik de tijdschriften door. Dat klinkt eenvoudiger dan het is want we lezen meer dan 230 verschillende bladen, tezamen goed voor zo’n 2,3 miljoen pagina’s. Maar ja, wij hebben Delpher! U ook trouwens, en het is helemaal gratis en het kost niets.

Zoek op Leermens en u komt geheid terecht bij ‘Het Noorden in woord en beeld’. Soms verbaas ik me over de koppelverkoop van mobiele telefoons en telefoonabonnementen. Maar in de jaren twintig van de vorige eeuw kreeg u als “abonné” van het Noorden in woord en beeld er een gratis ongevallenverzekering bij.

Wie wil dat nou niet? De ondergeteekende Wed. A. Smit-Swigthuizen was de directie dan ook zeer dankbaar. Schermafbeelding 2017-06-28 om 09.04.40

Een nieuw begin

Schermafbeelding 2017-06-26 om 22.44.35.png

Aan sommige keukentafels gaat het over mijn verhuizing. Men vraagt zich af of ik er goed aan doe. Dat begrijp ik. Er is geen plek in het huis, in het dorp, in de omgeving of ik heb er geen herinnering bij.

Ik kijk naar het stoepje voor ons huis en de voordeur. Ik herinner mij hoe de schilder op die stoep stond. Ik was verrast; we hadden geen afspraak. Het bleek dat hij afscheid kwam nemen. Ik dacht dat hij met pensioen ging en nodigde hem binnen. Maar nee, hij had nog meer klanten en weinig tijd. Hij ging dood.

Hij was degene die mij ooit adviseerde om toch ten minste de voordeur te laten schilderen: ‘Als de voordeur strak in de lak staat, kun je desnoods de rest van het huis nog een jaartje overslaan.’ Het was een opmerkelijk advies van zo’n consciëntieus man.

Wat ging gebeuren gebeurde. We zijn inmiddels zo’n 15 jaar verder. Ik zag dat zijn huis ook te koop staat. Het stond er goed bij. Strak in de lak. Na al die jaren. Ik fiets er vaak langs als ik naar de winkel ga in Appingedam. Even verderop koop ik gedurende het seizoen ook wel pompoenen. Ik weet nog … Ach ja, zoveel herinneringen. Mooie, prachtige, droevige, fijne, oude, vage, verse.

De ouderen onder ons herinneren zich nog de oudjaarsconference 1960 van Wim Kan. Wij hadden thuis de langspeelplaat. Je hoort een onbedaarlijk huilende mevrouw, ontroostbaar zo lijkt het. Haar man probeert haar desondanks op te beuren: ‘Mien, toe. Mien, Mien, toe nou toch. Mien, ik ben er toch. Mien, je kan toch nieuwe bakken’.

 

Een tuin in de winter

dichter-gerrit-kouwenaar-91-overleden

Ik las dit weekend de herinneringen van schrijfster Anna Enquist aan Gerrit Kouwenaar. Als je, zoals ik, niet meer heel trouw de culturele pagina’s leest van de bladen, mis je soms iets. Bijvoorbeeld dat er een prachtig boekje verschijnt over de grootste dichter die ons land had. Legt u maar ergens een korrel zout desgewenst.

Als Kouwenaar-adept mocht ik me niet al te zeer verdiepen in de persoon van de schrijver. Die doet er niet toe. Maar je wilt toch graag van alles weten. Anna Enquist beantwoordt veel van die vragen. Bijvoorbeeld de vraag: waarvan leefde hij? Ook die andere vraag werd beantwoord: waaraan stierf hij?

Het begon met een val.

Nee, het begon met de dood van zijn vrouw. Toen kwam de leegte, de afzondering, de eenzaamheid, het gemis van levenslust, de val. Enfin, de rest van het verhaal kent u. Ziekenhuis, opkrabbelen, verpleeghuis en wat verder volgt. Niets menselijks is de dichter vreemd.

Gelukkig is er nu dat boek van Anna Enquist. Gelukkig is er ook de bloemlezing die ze maakte van het werk van Kouwenaar. Opdat we hem niet vergeten. Lezen we nu

         Stilleven

Een winter vroeg opgestaan, hemel, hoe eerlijk
meelevend en lelijk is deze geboorte, huid
tussen binnen en buiten, schuim tussen gister
en later, men scheert zich zijn vader

thee zettend ontvalt men het glas, drinkend
verbittert de suiker, men doucht zich, kookt ei
poseert voor het daglicht, stilleven met eter

nu, avond, heeft men de scherven verstoken, geluk
is niet te verduren, het potlood potdoof, zelfs
de inkt moet herschreven, traag mort de haast
van het maaksel toen men nog leefde –

Ik schreef eerder over dit gedicht: Men scheert zich zijn vader

Anna Enquist, Een tuin in de winter. Herinneringen aan Gerrit Kouwenaar. ISBN 978 90 295 14248

 

Boksbal t.e.a.b.

boksbal

De advertenties die je op bijvoorbeeld Facebook aantreft naast je tijdlijn zijn soms raar of naar of ongepast en soms toch ook veelzeggend. Mij wordt tegenwoordig regelmatig een life coach aangeboden. Ik reken dat aanbod tot de categorie ‘veelzeggend’. Ja, iemand aan de zijkant die je helpt om keuzes te maken, dingen aan te pakken of juist los te laten, zo iemand is wellicht handig. Maar als ik nou eerlijk moet zijn, ik heb liever iemand die heur of zijn armen uit de mouwen steekt en niet aan de zijlijn gaat staan maar op de barricaden.

Zo iemand diende zich eergisteren aan. Mijn kleine zus, die inmiddels best wel ook wat groter is geworden. Samen “deden” we de zolder boven een deel van het achterhuis. In de 28 jaar dat ik in Leermens woon, verzamelde zich op die zolder een waanzinnige allegaar van spullen waar we maar geen afscheid van konden nemen. Op het moment dat het op die zolder belandde wist je een ding zeker: daar blijft het heel lang liggen.

Nu hebben mijn zus en ik een bepaalde invloed op elkaar. Je kunt het synergie noemen. We worden met de 5 minuten besluitvaardiger. Dat heeft ons bij het opruimen van de spullen van mijn ouders erg geholpen. Maar er belandden ook wel spullen in de kringloopwinkel waarvan we achteraf dachten: ‘?’ Die prachtige commode, van Pastoe, bij de kringloop?

Dus gisteren gooiden we niets weg maar deden keurig alles in dozen die we keurig labelden en in de garage zetten. Keurig tegen de muur. Zodat ze aan het Martinikerkhof weer keurig een zolder kunnen vullen. Totdat, nou ja, totdat mijn zonen de dozen met ‘Oude spullen Wout’ vinden. Ik reken op veel besluitvaardigheid te zijner tijd.

Hier is nu die zolder leeg. Wie wil er nog een boksbal van me kopen? Compleet met handschoenen.

Zomerdag

zomer-in-leermens

De allereerste zomerdag was ook meteen de ultieme zomerdag. Een zacht briesje, kabbelende wolkjes, de zon natuurlijk, en op het land het grijsgroene graan, de bloeiende aardappels, de mais nog schuchter en beleefd in gelid en overal het hooi dat gemaaid werd. Je kreeg zin in meisjesboeken met picknicken en uitbundig gegiechel en spannende avonturen die eindigden met een party en gemberbier en je hoorde als het ware het verre opgewonden zwembadgegil. Boven het terras, tussen de walnoot, fladderen twee flirtende vlinders. Hoger en hoger gaan ze.

Achter en naast ons huis zette Groenewold zijn magerste schapen op het weiland opdat dat land weer wordt zoals het was voor de grote renovatie van ons dorpshuis. Ze blaatten en vraten er nog wat onwennig. Ik verzekerde hen dat het goed kwam, misschien wel een beetje tegen beter weten in. Binnenkort is het weer tapasavond op het dorp en dan weet je het als schaap maar nooit.

Om de zomerweelde compleet te maken wette de vader van Maaike zijn zeis en maaide de slootrand.

Vanaf nu korten de dagen. Opletten dus.

Ons zoepenbrijklokje

kerk_leermens

Ook zin in karnemelkse pap? Luid hier uw eigen Leermster zoepenbrijklokje

Iedere dag – zelfs op zondag – luidt in Leermens klokslag 11.31 uur het zoepenbrijklokje. De klok luidt dan langdurig. Hoe lang? Dat merkt u vanzelf als u hierboven de link aanklikt. Het zoepenbrijklokje is het  seintje is voor de arbeiders op het veld dat het tijd is voor het eten en voor de vrouwen dat de karnemelkse pap op moet. Zoepenbrij is de Groningse benaming voor karnemelkse pap.

Als thuiswerker met altijd wel een kliekje in de koelkast of een ei om te bakken hoef ik geen karnemelkse pap te eten. Gelukkig. We aten dat vroeger wel eens – ik vermoed dat mijn moeder dan op de lijn was. Karnemelkse pap is niets anders dan 60 gram bloem gekookt in 1 liter karnemelk. Mijn moeder was geen keukenprinses. Stelt u zich de klonten voor. Ze serveerde er basterdsuiker bij. Nou ja, misschien heeft ze het ook maar een paar keer gedaan.

Maar om 11.31 uur gaat die klok. In Groningen hebben ze geen arbeiders. In Groningen hebben ze geen zoepenbrij. In Groningen hebben ze een carillon. Malle stadse fratsen.

Over het zoepenbrijklokje schreef Martin Hillenga een verhelderend stukje op www.levenderfgoedgroningen.nl. U heeft vast nog tijd om dat te lezen.