Boksbal t.e.a.b.

boksbal

De advertenties die je op bijvoorbeeld Facebook aantreft naast je tijdlijn zijn soms raar of naar of ongepast en soms toch ook veelzeggend. Mij wordt tegenwoordig regelmatig een life coach aangeboden. Ik reken dat aanbod tot de categorie ‘veelzeggend’. Ja, iemand aan de zijkant die je helpt om keuzes te maken, dingen aan te pakken of juist los te laten, zo iemand is wellicht handig. Maar als ik nou eerlijk moet zijn, ik heb liever iemand die heur of zijn armen uit de mouwen steekt en niet aan de zijlijn gaat staan maar op de barricaden.

Zo iemand diende zich eergisteren aan. Mijn kleine zus, die inmiddels best wel ook wat groter is geworden. Samen “deden” we de zolder boven een deel van het achterhuis. In de 28 jaar dat ik in Leermens woon, verzamelde zich op die zolder een waanzinnige allegaar van spullen waar we maar geen afscheid van konden nemen. Op het moment dat het op die zolder belandde wist je een ding zeker: daar blijft het heel lang liggen.

Nu hebben mijn zus en ik een bepaalde invloed op elkaar. Je kunt het synergie noemen. We worden met de 5 minuten besluitvaardiger. Dat heeft ons bij het opruimen van de spullen van mijn ouders erg geholpen. Maar er belandden ook wel spullen in de kringloopwinkel waarvan we achteraf dachten: ‘?’ Die prachtige commode, van Pastoe, bij de kringloop?

Dus gisteren gooiden we niets weg maar deden keurig alles in dozen die we keurig labelden en in de garage zetten. Keurig tegen de muur. Zodat ze aan het Martinikerkhof weer keurig een zolder kunnen vullen. Totdat, nou ja, totdat mijn zonen de dozen met ‘Oude spullen Wout’ vinden. Ik reken op veel besluitvaardigheid te zijner tijd.

Hier is nu die zolder leeg. Wie wil er nog een boksbal van me kopen? Compleet met handschoenen.

Zomerdag

zomer-in-leermens

De allereerste zomerdag was ook meteen de ultieme zomerdag. Een zacht briesje, kabbelende wolkjes, de zon natuurlijk, en op het land het grijsgroene graan, de bloeiende aardappels, de mais nog schuchter en beleefd in gelid en overal het hooi dat gemaaid werd. Je kreeg zin in meisjesboeken met picknicken en uitbundig gegiechel en spannende avonturen die eindigden met een party en gemberbier en je hoorde als het ware het verre opgewonden zwembadgegil. Boven het terras, tussen de walnoot, fladderen twee flirtende vlinders. Hoger en hoger gaan ze.

Achter en naast ons huis zette Groenewold zijn magerste schapen op het weiland opdat dat land weer wordt zoals het was voor de grote renovatie van ons dorpshuis. Ze blaatten en vraten er nog wat onwennig. Ik verzekerde hen dat het goed kwam, misschien wel een beetje tegen beter weten in. Binnenkort is het weer tapasavond op het dorp en dan weet je het als schaap maar nooit.

Om de zomerweelde compleet te maken wette de vader van Maaike zijn zeis en maaide de slootrand.

Vanaf nu korten de dagen. Opletten dus.

Ons zoepenbrijklokje

kerk_leermens

Ook zin in karnemelkse pap? Luid hier uw eigen Leermster zoepenbrijklokje

Iedere dag – zelfs op zondag – luidt in Leermens klokslag 11.31 uur het zoepenbrijklokje. De klok luidt dan langdurig. Hoe lang? Dat merkt u vanzelf als u hierboven de link aanklikt. Het zoepenbrijklokje is het  seintje is voor de arbeiders op het veld dat het tijd is voor het eten en voor de vrouwen dat de karnemelkse pap op moet. Zoepenbrij is de Groningse benaming voor karnemelkse pap.

Als thuiswerker met altijd wel een kliekje in de koelkast of een ei om te bakken hoef ik geen karnemelkse pap te eten. Gelukkig. We aten dat vroeger wel eens – ik vermoed dat mijn moeder dan op de lijn was. Karnemelkse pap is niets anders dan 60 gram bloem gekookt in 1 liter karnemelk. Mijn moeder was geen keukenprinses. Stelt u zich de klonten voor. Ze serveerde er basterdsuiker bij. Nou ja, misschien heeft ze het ook maar een paar keer gedaan.

Maar om 11.31 uur gaat die klok. In Groningen hebben ze geen arbeiders. In Groningen hebben ze geen zoepenbrij. In Groningen hebben ze een carillon. Malle stadse fratsen.

Over het zoepenbrijklokje schreef Martin Hillenga een verhelderend stukje op www.levenderfgoedgroningen.nl. U heeft vast nog tijd om dat te lezen.

Teddie Beer gaat verhuizen

Teddie Beer gaat verhuizen

In het huis van berenmoeder Mevrouw Edwina is het een drukte van belang. Het regent en alle beertjes moeten binnenspelen. Moeder trekt het niet langer. Samen met de berenkinderen gaat ze naar de winkel om een nieuw huis te kopen. Er is nog precies 1 buitenhuis over. De meneer van de winkel geeft haar de sleutel en Edwina en haar kinderen gaan een kijkje nemen.

U begrijpt. Ze zijn onmiddellijk verkocht. Ze kopen het.

Hupsakee. De verhuizing is best wel even aanpoten maar na een dagje hard werken is het zo ver. Alles is ingepakt. De verhuizer komt voorrijden met zijn verhuiswagen. Teddie mag op de bok. Even later komen ze bij het nieuwe huis. Ze kiezen allemaal een mooie kamer uit en gaan uitpakken.

Nou weet ik niet meer.

In het boekje dat ik laatst op zolder vond, ontbreken wat pagina’s. Er is geen avontuur, geen plot, geen clou, geen moraal. Gelukkig vond ik op e-bay een boekje te koop met daarin 1 pagina die ik nog niet heb. Die pagina ziet u hierboven. In huize Weltevree moet toch het een en ander gebeurd zijn.

Ik heb als 6-jarig jongetje daar op 1 hoog in de Jan van Duivenvoordestraat het boekje ademloos stukgelezen. Dat je zomaar naar een winkel kon gaan om een nieuw huis te kopen, een huis met een tuin en oude bomen en een schommel … miraculeus.

Ik put moed uit dit boek. Een dagje inpakken, een dagje uitpakken, en het is klaar.

Helemaal goed

wereldtijdpad

In het kader van mijn onderzoek naar horecataal maakten Chris en ik vrijdag en zaterdag per fiets een studiereis rond Twente. Wat is Nederland mooi. Wat is Nederland fijn geregeld. Natuurlijk, het is ongetwijfeld ook mooi in het verre donkere Afrika of de volstrekt verwarde Verenigde Staten of het broeierige Perugona of het poenige Rusland maar is het er ook zo goed geregeld?

Neem de jaarpaaltjes bij Holten en Rijssen. Dat zie je elders niet. Denk ik.

De stichting Wereldtijdpad plaatste 2016 jaarpaaltjes. Vanaf het jaar 0 heeft ieder jaar een eigen paaltje waarop een draaibaar kubusje met aan 4 zijden een korte beschrijving van een gebeurtenis in dat jaar ergens op de wereld. En in elk geval 1 gebeurtenis betreft de omgeving van Holten en Rijssen. Het is ongelooflijk.

Je kunt je het hoofd breken over de vraag of mensen er wat van leren of er beter of anders van gaan kijken maar je kunt het ook niet doen en domweg bewondering hebben voor zoveel volharding. 2016 paaltjes die allemaal moeten kunnen draaien, 2016 paaltjes die allemaal schoongemaakt moeten worden, 2016 paaltjes die allemaal fier overeind moeten staan, ik geef het je te doen. Welnu, de stichting Wereldtijdpad doet het! En ze gaan door.

Ondertussen kan ik u deelgenoot maken van nieuwe data in mijn onderzoek. Het commando ‘geniet ervan’ van  de meneer of mevrouw die je je koffie serveert in de horeca is na mijn laatste blog hierover volstrekt komen te vervallen. Niemand gebruikte het. Dat is op zich al geweldig nieuws. Nog beter nieuws is dat bij alle horecagelegenheden waar we aanlegden (en het was warm) na onze bestelling gereageerd werd met ‘helemaal goed’ en de laatste 2 keer (omgeving Oldenzaal en Markelo) zelfs met ‘Helemaal goed, super’. Denk daar – vooral bij dat ‘super’ – Twents getuite lippen bij. Zo mooi.

Bezoek de stichting Wereldtijdpad.

Digi-toal

Je bent nog niet weg of je opvolger staat alweer in de startblokken. Ze heeft er zin in, begrijp ik uit het app’je dat een collega-redactielid van het Leermster Kraantje rondstuurde. Ik wist natuurlijk dat het er aan stond te komen. Uit het oog, uit de redactie.

Ik sputterde wat. Ik stelde voor om dan maar correspondent Stad te worden. En waaratje, daar ging men in mee. Nane wist al een titel: ‘Wout wait wat oet Stad’. Ik ging akkoord maar vraag me nog wel af of ik dat moet kunnen uitspreken? Ik hoop het niet.

Gelukkig vond ik op de eerste zolder die we nu in dozen doen het boekje ‘Over de Groninger volkstaal’ van K. ter Laan. Daarin onder meer een hoofdstuk over de Groninger tongvallen. Ik hoopte daarin de uitspraakregels te vinden maar het bleek een technische verhandeling. Ik leerde wel dat ‘Ik wait’ betekent ‘Ik wied’. Toen schrok ik. Wout wiedt wat in Stad? Dacht het niet. Wout wiedt nooit meer. Op het Martinikerkhof mag mijn gemeente aan de slag.

En dan sla je de krant open. En zie je dat Google uitkomst biedt.

IMG_0852

Morgen trouwens dagje vrij. Wout fietst wat.

Boergeit en berenklauw

berenklauwen
De Pollux in Veenendaal

Het Dagblad meldde dat de boergeit moet worden ingezet om de berenklauw onder controle te krijgen. Ik moet ‘schuldig’ pleiten. Samen met m’n broer en zusjes. Maar we konden er niets aan doen en we wisten het ook niet en m’n ouders hadden ons moeten waarschuwen en verbieden maar zij wisten ook van niets.

1972. We waren dat jaar net uit Amsterdam naar Veenendaal verhuisd. We gingen op vakantie in Denemarken. Daar ontdekten wij een nieuwe plantensoort. Althans, hij was in Nederland onbekend. Met mijn flora zochten we hem op: een berenklauw! Je zag ze er veel en ze waren prachtig. Ondernemend als we waren staken we de laatste vakantiedag wat plantjes uit en namen wat zaaddozen mee. En die plantten we in ons minuscule stadstuintje aan de Pollux achter de compostbak en de zitkuil.

Man o man. Dat werd een groot succes daar in dat rijtje tuintjes. Wij verhuisden snel, van de andere Pollux-bewoners hebben we nooit meer wat vernomen.