Bijvoeglijk naamwoorden

Frank Jansen schreef onlangs in Onze Taal een spannend artikel over het bijvoeglijk naamwoord. Mogen we dat nu wel gebruiken of toch niet? Veel schrijfwijzen beweren dat we erg, erg zuinig moeten zijn met de bijvoeglijke naamwoorden. Beetje bij beetje krabt Jansen wat van dat advies af. Hoewel? Eigenlijk blijken de attributief gebruikte uitbreidende evaluatieve bijvoeglijk naamwoorden nog hoog te scoren.

“Chocoladebruine parels van glanzend satijn gevuld met donzige slagroom” Attributief gebruikte uitbreidende evaluatieve bijvoeglijke naamwoorden: Albert Heijn is er gek op. De lezer ook.

In ‘De appel is heerlijk’ is ‘heerlijk’ een predicatief gebruikt bijvoeglijk naamwoord. Die schrappen we natuurlijk niet. Dus de attributieve kunnen weg? Nee, nee, zegt Jansen. In: ‘Sneeuwwitje koos de rode appel’ is ‘rode’ belangrijke informatie. Ze had ook de gele kunnen kiezen. In: ‘Sneeuwwitje zette haar tanden in de rode appel’ is ‘rode’ waarschijnlijk veel minder zinvolle informatie. De eerste vorm is beperkend, de tweede uitbreidend. U voelt hem: de beperkende attributieve bijvoeglijk naamwoorden moeten we ook lekker laten staan.

Jansen perkt het advies nog verder in. Er zijn informatieve bijvoeglijk naamwoorden, evaluerende bijvoeglijk naamwoorden en schaalbare bijvoeglijk naamwoorden. Informatieve bijvoeglijk naamwoorden bieden essentiële informatie. Denk aan ‘glazen’ in de zin: ‘De mannen in het glazen huis aten stiekem een broodje.’ Een evaluatief bijvoeglijk naamwoord is bijvoorbeeld ‘indrukwekkend’ of ‘magnifiek’. Ze bevatten een persoonlijk oordeel. De schaalbare bijvoeglijk naamwoorden drukken geen vaste eigenschap uit maar ook geen persoonlijke waardering. Ze drukken de afstand tot de norm uit. In het zinnetje: ‘Vanaf de hoge wierde van Leermens heeft u uitzicht over het Groninger land’ is ‘hoge’ een schaalbaar bijvoeglijk naamwoord. Immers: wat is hier hoog? De evaluatieve en de schaalbare attributieve bijvoeglijk naamwoorden kunt u vaak wel schrappen.

Maar dan neemt het artikel een verrassende wending: Jansen introduceert de lezer. U weet wel. U. Pander Maat, een collega van Jansen, liet lezers twee reisgidsen lezen. Een reisgids waarin hij woorden als ‘adembenemend’ en ‘schitterend’ achterwege liet en een reisgids waarin hij de schaalbare of evaluerende attributieve bijvoeglijk naamwoorden wél gebruikte. Wat blijkt? Die malle lezer waardeert die evaluerende bijvoeglijk naamwoorden eigenlijk wel. Hij krijgt zin in in vakantie.

Het hele artikel vindt u in Onze taal, november 2012. U bent ongetwijfeld lid van Onze Taal. Niet? Klik hier

Gepubliceerd door

Wout Sorgdrager

Tekstschrijver en schrijftrainer in Groningen en wijde omgeving. Mijn onderwerpen: gezondheidszorg, onderwijs, volkshuisvesting, personeel & organisatie. De not-for-profit-sector. Traint en coacht professionals.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s