Ties

Bramen

Ik ging naar Leermens om bramen te plukken. Ik leerde er het woord ‘ties’. Kieskeurig. Zelden een woord gehoord dat zó verklankt wat het betekent. Er zit iets zuinigs in, maar door de langgerekte ‘ie’ ook iets tastends en proevends.

Bij het plukken was ik in eerste instantie niet bijster ties. Langs mijn eigen talud (wie maakt ons los?) stonden ze er niet heel geweldig bij. Om nog wat opbrengst te hebben neem je ook genoegen met de wat kleinere, de rodere en soms zelfs met bramen die je om 5 voor 5 op de zaterdagmarkt zou kunnen krijgen.

Maar langs de Schansweg daarentegen stonden bramen zoals bramen bedoeld zijn. Groot, sappig, zoet. Juist dan word je ties. Bramen die ik op mijn talud graag had geplukt, liet ik langs de Schansweg staan. Voor de vogels. Voor de mensen die dit lezen en het wat minder hoog in de bol hebben. Voor de laatkomers.

Eenumermaar

Maarten-Burggraaff-vrouw-brons-zeerijp

Beeldentuin Eenumermaar opende afgelopen zondag opnieuw de tuindeuren. Ik viel voor deze dame. Maarten Burggraaff maakte haar. En daar was ze blij mee, dat zie je. Marèse facebookte (ja, dat is correct Nederlands) een tekst van Roald Dahl.

I began to realise how important is was to be enthusiastic in life. If you are interested in something, no matter what it is, go at it full speed. Embrace it with both arms, hug it, love it and above all become passionate about it. Lukewarm is no good.

Wat je er ook van vindt, déze dame neemt het citaat ter harte.

Meer werk van Maarten Burggraaff vind je in zijn eigen beeldentuin De Gerichtshof. En hier de link naar beeldentuin Eenumermaar.

Oud nieuws

Schermafbeelding 2017-06-28 om 09.02.45
Ongelukken zaten in een klein hoekje, in die tijd (1927)

Gisteravond bladerde ik de tijdschriften door. Dat klinkt eenvoudiger dan het is want we lezen meer dan 230 verschillende bladen, tezamen goed voor zo’n 2,3 miljoen pagina’s. Maar ja, wij hebben Delpher! U ook trouwens, en het is helemaal gratis en het kost niets.

Zoek op Leermens en u komt geheid terecht bij ‘Het Noorden in woord en beeld’. Soms verbaas ik me over de koppelverkoop van mobiele telefoons en telefoonabonnementen. Maar in de jaren twintig van de vorige eeuw kreeg u als “abonné” van het Noorden in woord en beeld er een gratis ongevallenverzekering bij.

Wie wil dat nou niet? De ondergeteekende Wed. A. Smit-Swigthuizen was de directie dan ook zeer dankbaar. Schermafbeelding 2017-06-28 om 09.04.40

Zomerdag

zomer-in-leermens

De allereerste zomerdag was ook meteen de ultieme zomerdag. Een zacht briesje, kabbelende wolkjes, de zon natuurlijk, en op het land het grijsgroene graan, de bloeiende aardappels, de mais nog schuchter en beleefd in gelid en overal het hooi dat gemaaid werd. Je kreeg zin in meisjesboeken met picknicken en uitbundig gegiechel en spannende avonturen die eindigden met een party en gemberbier en je hoorde als het ware het verre opgewonden zwembadgegil. Boven het terras, tussen de walnoot, fladderen twee flirtende vlinders. Hoger en hoger gaan ze.

Achter en naast ons huis zette Groenewold zijn magerste schapen op het weiland opdat dat land weer wordt zoals het was voor de grote renovatie van ons dorpshuis. Ze blaatten en vraten er nog wat onwennig. Ik verzekerde hen dat het goed kwam, misschien wel een beetje tegen beter weten in. Binnenkort is het weer tapasavond op het dorp en dan weet je het als schaap maar nooit.

Om de zomerweelde compleet te maken wette de vader van Maaike zijn zeis en maaide de slootrand.

Vanaf nu korten de dagen. Opletten dus.

Ons zoepenbrijklokje

kerk_leermens

Ook zin in karnemelkse pap? Luid hier uw eigen Leermster zoepenbrijklokje

Iedere dag – zelfs op zondag – luidt in Leermens klokslag 11.31 uur het zoepenbrijklokje. De klok luidt dan langdurig. Hoe lang? Dat merkt u vanzelf als u hierboven de link aanklikt. Het zoepenbrijklokje is het  seintje is voor de arbeiders op het veld dat het tijd is voor het eten en voor de vrouwen dat de karnemelkse pap op moet. Zoepenbrij is de Groningse benaming voor karnemelkse pap.

Als thuiswerker met altijd wel een kliekje in de koelkast of een ei om te bakken hoef ik geen karnemelkse pap te eten. Gelukkig. We aten dat vroeger wel eens – ik vermoed dat mijn moeder dan op de lijn was. Karnemelkse pap is niets anders dan 60 gram bloem gekookt in 1 liter karnemelk. Mijn moeder was geen keukenprinses. Stelt u zich de klonten voor. Ze serveerde er basterdsuiker bij. Nou ja, misschien heeft ze het ook maar een paar keer gedaan.

Maar om 11.31 uur gaat die klok. In Groningen hebben ze geen arbeiders. In Groningen hebben ze geen zoepenbrij. In Groningen hebben ze een carillon. Malle stadse fratsen.

Over het zoepenbrijklokje schreef Martin Hillenga een verhelderend stukje op www.levenderfgoedgroningen.nl. U heeft vast nog tijd om dat te lezen.

Digi-toal

Je bent nog niet weg of je opvolger staat alweer in de startblokken. Ze heeft er zin in, begrijp ik uit het app’je dat een collega-redactielid van het Leermster Kraantje rondstuurde. Ik wist natuurlijk dat het er aan stond te komen. Uit het oog, uit de redactie.

Ik sputterde wat. Ik stelde voor om dan maar correspondent Stad te worden. En waaratje, daar ging men in mee. Nane wist al een titel: ‘Wout wait wat oet Stad’. Ik ging akkoord maar vraag me nog wel af of ik dat moet kunnen uitspreken? Ik hoop het niet.

Gelukkig vond ik op de eerste zolder die we nu in dozen doen het boekje ‘Over de Groninger volkstaal’ van K. ter Laan. Daarin onder meer een hoofdstuk over de Groninger tongvallen. Ik hoopte daarin de uitspraakregels te vinden maar het bleek een technische verhandeling. Ik leerde wel dat ‘Ik wait’ betekent ‘Ik wied’. Toen schrok ik. Wout wiedt wat in Stad? Dacht het niet. Wout wiedt nooit meer. Op het Martinikerkhof mag mijn gemeente aan de slag.

En dan sla je de krant open. En zie je dat Google uitkomst biedt.

IMG_0852

Morgen trouwens dagje vrij. Wout fietst wat.

Een blokje om

Schermafbeelding 2017-06-12 om 23.10.21
Rechts in de verte Goliath, links 2 anoniemen

Je hoort het verdachten op tv vaak zeggen als excuus voor een gebrek aan alibi: ‘I went for a drive’. Mij klinkt dat altijd wat ongeloofwaardig in de oren maar nu weet ik dat het gebeurt. Ik deed het. Want wat doe je met jezelf als je een uur van huis moet vanwege een bezichtiging? Ik wilde mijn service oefenen (we spreken tennis hier) maar het was guur weer. Fietsen? Brr. Nee. En zo kwam het dat ik een stukje ging rijden. Dat heb ik nog maar een keer in mijn leven eerder gedaan: de allereerste dag dat ik mijn rijbewijs had, 29 jaar geleden.

Ik had geen doel. Ik vertrok in zuidwaartse richting. Bij Dieftil moest ik kiezen. Het werd oostwaarts. Awel, 20 minuten later stond ik op de Eemshaven. Geen mens gezien. Wel molens. Heel veel molens. Indrukwekkend. Groot, machtig, krachtig.

Er stond een uitkijktoren. Hij bleek kunst en bedoeld om mij te verzoenen met de energietransitie. Ik had me daar al min of meer mee verzoend maar wilde toch even boven kijken. Helaas, de trap ging buitenom en was van doorkijkroosters. Na anderhalve verdieping durfde ik niet meer. Even overwoog ik de brandweer te bellen. Maar ik raapte al mijn moed bij elkaar en hield me stevig vast aan de leuning.

Via Zijldijk en ’t Zandt reed ik huiswaarts. De aardappels moesten op. Maar in Leermens was nog steeds volk in huis. Ik reed maar door. Bij Dieftil ging ik oostwaarts.