Witte bonensoep

Ze serveerden er witte bonensoep, gele paprikasoep en zoete aardappelsalade. Heerlijk ongetwijfeld maar hij waagde zich er niet aan.
‘Als je het gerecht al niet correct kunt spellen, dan kun je het in elk geval niet lekker klaarmaken.’ Waaratje, er klonk haast wat ergernis in door. Had hij inderdaad liever wittebonensoep gehad dan de rode orzoschotel die hij nu koos? Trouwens, rode orzoschotel? O ja, dat klopte.

Zijn vrienden vermaakten zich met zijn gemor. Hij gaf geen krimp.
‘Het is toch geen aardappelsalade met suiker?’ doceerde hij, ‘Het is salade van zoete aardappelen.’
‘Maar dan staat het wel los? Zoete spatie aardappel?’
‘Allicht, je hebt gewonemensenaardappelen en je hebt zoete spatie aardappelen.’
‘En dat gebakken visje met zwarte olijvensaus?’
‘Fout fout fout! Het is saus van zwarte olijven mag je aannemen en dan is dat dus zwarteolijvensaus. Hoe moeilijk kan het zijn? Bovendien, in het Nederlands kunnen we dus schrijven over een zwarte groeneolijvensaus, tenminste, als je die groene olijven tot saus verpulvert en daar dan wat zwarte kleurstof aan toevoegt.’

De oberin kwam. Zijn disgenoten konden het niet laten haar te wijzen op de kennelijke fouten. Ze verontschuldigde zich. ‘Sorry, English only!’

Hij rustte zijn zaak.


Meer weten? Lees het stukje over de langeafstandsloper op Onze Taal

Spelles

Het was zomer, prachtig weer. Ik gaf een training ‘Correct Nederlands’ in Utrecht. We zaten in een zaaltje met TL-verlichting, ingepakte koekjes en een zoemende overheadprojector. Ja, het is even geleden. We hadden de verkleinwoorden gehad, de tussen-n, het streepje. Na de lunch met kroket zouden we ons op de werkwoordsvormen storten. Het was zo’n training die je volgt omdat het moet, het was zo’n training die je geeft omdat het moet. We hielden elkaar gevangen, cursisten en trainer.

Ik gooide het roer om. Ik gaf ze na de lunch 3 kwartier om naar buiten te gaan in groepjes van 3. Ieder groepje moest minimaal 10 spelfouten ontdekken in etalages en langs de weg. Toen alle groepjes op pad waren, realiseerde ik me dat ik eigenlijk best een groot risico had genomen. Maar iedereen zat 3 kwartier later weer braaf aan tafel. Onze conclusie van die 3 kwartier: er wordt erg knullig gespeld in Utrecht. Maar onze conclusie was ook: waar gaat het eigenlijk over? Correctheid is een benauwd, zeg maar rustig benépen begrip.

Echt goed schrijven gaat om iets anders. Bovenstaande etalagefoto komt uit Groningen. De Stadsakker. Ik vind de tekst prachtig. Prettig positief geformuleerd. Spits. En dat ene kleine foutje? (leidraad van de Woordenlijst, §6.1.1) Ik kan er niet mee zitten.

Met vakantie tot 13 november

heen-en-weerwolf

Over het belang van het tussenstreepje of een spatie kan niet genoeg geschreven worden.

De heen- en weerwolf bedroeft zich erover dat hij zo weinig klandizie heeft.

‘Ik heb het idee dat het komt door dat houten bordje,’ zei Pluk. ‘Op dat bordje staat HEEN- EN WEERWOLF. En de mensen denken nu dat je een “weerwolf” bent. En een weerwolf is veel erger dan een gewone wolf.’

Pluk had de Woordenlijst der Nederlandse taal erbij moeten pakken. Dan had hij het eenvoudig kunnen uitleggen. De regels inzake de spelling van samenstellingen zijn glashelder.

Neem het woord ‘kant-en-klaargerecht’. Daarin schrijven we tussen ‘klaar’ en ‘gerecht’ geen streepje. Immers, aldus de woordenlijst: ‘Een samenstelling waarin het eerste lid een aantal nevengeschikte elementen bevat die binnen de context van het woord een geheel vormen, wordt niet als een samentrekking van twee afzonderlijke samenstellingen beschouwd, maar als een samenstelling met een meerledig eerste lid. Als zodanig wordt het aan elkaar geschreven, waarbij de elementen die het eerste lid vormen worden gescheiden door koppeltekens.’

Dat wist de heen- en weerwolf. Pluk had hem er echter op moeten wijzen dat hij van de wetgever wel degelijk een tussenstreepje had mogen plaatsen. Dat mag als het de leesbaarheid verbetert. Dat had inderdaad zijn klandizie goed gedaan.

Uiteindelijk komt het goed met de heen- en weerwolf, neem dat maar van me aan. En hij zet Pluk bovendien over naar de overkant alwaar Pluk de kluizelaar ontmoet die altijd op vakantie is.

‘Waarom staat er op de deur: Met vakantie tot 13 november?’ vroeg Pluk.
‘Dat laat ik er op staan,’ zei de kluizelaar. ‘Ik hou niet van visite.’
‘Maar als er dan visite komt op de dertiende november?’ vroeg Pluk nieuwsgierig.
‘Een dag van tevoren verander ik het papiertje’, zei de kluizelaar. ‘Dan staat er op: met vakantie tot 13 maart.’

Secretaressedag geüpdatet

550secretaressedagCrop

Ik herinner me dat, toen ik nog echt een baan had, je ’s avonds bij het naar huis gaan precies kon zien wanneer het secretaressedag was. Tientallen dames verlieten die dag het gebouw met een grote bos bloemen. Hoe slechter de baas, hoe groter de bos.

Ik heb geen baan meer en vervreemd dus enigszins van het echte leven. Maar als je nu tientallen dames met een bos bloemen hun werkplek ziet verlaten, is het Valentijnsdag. Secretaressedag wordt tegenwoordig anders ingevuld. Met wellness bijvoorbeeld of een training of, de crisis is immers alweer voorbij, met allebei.

De afgelopen jaren verzorgde ik op secretaressedag workshops over de nieuwe spelling. Dat is in feite zo’n combi van wellness en training. Hoe gek ook, een workshop over spelling is namelijk gewoon leuk. Dat heeft drie oorzaken. In de eerste plaats is het leuk om iets heel concreets te leren. Waarom schrijf je tegenwoordig ‘pannenkoek’ in plaats van ‘pannekoek’? Hoe schrijf je ‘sms’je’? En hoe vervoeg je het werkwoord ‘upgraden’? Je wist het niet en na afloop weet je het wel. In de tweede plaats is het soms ook gewoon lachwekkend. Je ziet namelijk wat de gevolgen zijn als je rigide vasthoudt aan regels. ‘De geüpdatete brief moet alsnog geüpgraded worden.’ Het is correct maar het voelt vreemd.

Maar de belangrijkste oorzaak is gewoon het heerlijke schoolbankjesgevoel dat zo’n workshop oproept. Alleen al het dictee. Ik open zo’n workshop met een dictee en onmiddellijk ontstaat er een wat gespannen, giechelige sfeer die omslaat in een wat gespannen stilte als ik begin met voorlezen. We zijn weer helemaal terug in vroeger. Niet aan te bevelen dus voor mensen met hele slechte herinneringen aan school. Voor de anderen: ik lees eerst de hele zin voor en dan de zin in stukjes. Pennen klaar?

Freelancen

Schermafbeelding 2016-03-31 om 08.42.17Het beregelen van de spelling van uit het Engels afkomstige werkwoorden is een prachtig voorbeeld van de machteloze verbetenheid waarmee taalkundigen proberen ons taalgebruik in een logica te vangen. Die poging is terecht: het is hun werk. Ze beschrijven wat Nederlanders zeggen en schrijven en ze doen hun best daar een verklaring voor te geven. Die verklaring testen ze door het doen van een voorspelling; komt die voorspelling uit, dan is dat een bevestiging van de theorie.

Waarom dit? Laat ik het maar eerlijk zeggen. Ik had een fout bij Beter Spellen. Ik spelde het voltooid deelwoord van ‘freelancen’ met een ‘d’.

Fout? Je kunt ook zeggen: Je ben je tijd vooruit.

De voltooide tijd van ik ‘sis’ is ‘ik heb gesist’. Niet zo heel veel Nederlanders zullen dat fout doen. De voltooide tijd van ‘ik wens’ is ‘ik heb gewenst’. Op de een of andere manier denk ik dat meer Nederlanders dat fout zullen doen. De voltooide tijd van ‘ik drens’ is ‘ik heb gedrensd’. Immers: het hele werkwoord is ‘drenzen’. En die z-klank hóren we. En dus klinkt ‘Het kind drensde’ correct.

De vraag is dus hoe je ‘freelancen’ uitspreekt. Met een ‘s’ of met ‘z’? Ik denk dat het ertussen hangt. Maar ik weet zeker dat we over 10 jaar er een ‘z-klank’ van maken. En dat we dan de voltooide tijd met een ‘d’ schrijven. Let maar op.

Ook Beter spellen? Dat kan hier.

Hoe spel je Engelse werkwoorden in het Nederlands? Lees het stukje over het werkwoord ‘updaten

Lekker ipadden

Volgende week verzorg ik een dictee voor illegale tekstschrijvers, een groep Groningse tekstschrijvers die geen lid zijn van Tekstnet. Maar ik ben de beroerdste niet. En bovendien, een dictee maken, zo’n kans laat je niet voorbijgaan. Of voorbij gaan?

Mijn dictee gaat niet over te allen tijde of onmiddellijk of over het przewalskipaard. Mijn dictee zou je foutloos moet kunnen maken als je de spellingsregels kent.

Wat oriënterend gegoogel inzake de regels rond het vervoegen van Engelse werkwoorden levert een onverwachte vondst. Het werkwoord ‘ipadden’ in de betekenis van ‘met de iPad bezig zijn’.

Ik herinner me nog hoe ik moest wennen aan het werkwoord ‘computeren’ dat mijn kinderen bezigden toen ze klein waren en er een computer in huis kwam. Ik vond het een misbaksel. Het woord, welteverstaan. Maar niet veel later vaardigden wij huisregels uit rond het computeren. Niet langer dan een half uur, en niet na het eten. Nu maken kinderen ongetwijfeld ruzie over de iPad. Ik vraag me wel af of ouders bij het formuleren van de huisregels daarover die regels correct spellen. Dat is belangrijk want als kinderen hun ouders op spelfouten betrappen, verliezen die ouders hun geloofwaardigheid.

Laat ik daarom een kant-en-klare formulering voor u klaarzetten. Zodat uw kinderen u blijven geloven, ook als er een zwarte piet door de cv-installatie kruipt.

Kinderen onder de 16 mogen in dit huis voor 19.00 uur maximaal 1 uur ipadden. Ipadden na die tijd is alleen toegestaan als je ervoor niet geïpad hebt én het voor school nodig is. Daarvoor dien je een door school ge-e-maild bericht aan je vader of moeder te laten zien. Is er een mede-ipadder? Dan geldt dat het oudste kind de oudste iPad krijgt.

U ziet, niet alleen de spelling laat zich nauwelijks beregelen.

(Bekijk hier het dossier ‘De spelling van werkwoorden van Engelse herkomst’ van Onze Taal)