De Gerichtsweg

ProRail wil de onbewaakte spoorwegovergang aan de Gerichtsweg bij Leermens en Eenum sluiten. Waanzin.

‘Let op: betreden is op eigen risico’. Ik hing dat bordje aan de binnenzijde van mijn buitendeur. Het is daarbuiten namelijk niet veilig. Toch waagde ik het erop. Ik wilde hardlopen bij Leermens. Ik wilde met de schoenen in de modder. Van Dieftil via de Gerichtsweg en de boomgaard van het Groninger Landschap naar Ekenstein. Dat kan een mens zo hebben.

Voorzichtig deed ik de deur open en zette een voet buiten. Ik keek naar rechts, naar links en weer naar rechts en zette ook de andere voet buiten. Tot zover ging het goed. Ik reed de stad uit. Dat had op allerlei manieren behoorlijk mis kunnen gaan. Allemaal niet gebeurd.

Tot ik uitstapte bij Dieftil. Er rijden daar door werkzaamheden aan de brug weinig auto’s maar je weet het nooit. Het ging goed. Ik rende richting Eenum en sloeg bij de Gerichtsweg linksaf. Mijn hart bonsde. De Gerichtsweg is de eerste 150 meter verhard. Daarna is het een landweg voor wandelaars en hardlopers en boeren.

De dodensprong deed ik na 250 meter. Ik haalde diep adem, keek naar links, rechts, links rechts en stak het spoor over. Eenmaal per kwartier komt er een trein. Ik had het gered.

En toch willen ze bij ProRail die spoorwegovergang sluiten. Een onbewaakte overgang is onveilig, redeneert men. Er zijn 2 alternatieven. Een bewaakte overgang. En gewoon niets doen. Open houden. Voor een bewaakte overgang heeft men geen geld over. En gewoon lekker open houden kan niet. Er bestaat immers de kans dat het heel misschien ooit een  keer mis gaat. 

Waanzin in mijn ogen. Natuurlijk is een onbewaakte spoorwegovergang onveilig. Maar dat is de Rijksweg van Delfzijl naar Groningen ook. Net zoals de stoep aan ons Martinikerkhofje. Fietsers fietsen er omdat de hobbelkeien te hobbelig zijn. Je loopt de deur uit en wordt omver gereden.

We moeten het accepteren: buiten is het nu eenmaal onveilig. En toch willen ze bij ProRail die spoorwegovergang sluiten en daarmee een heerlijke wandeling onmogelijk maken. Omdat je het maar nooit weet. Dat klopt natuurlijk als een bus. Blijf binnen en verroer je niet.

Ik maakte onderweg wat foto’s. Neem een kijkje maar pas wel op dat u niet nu ook zin krijgt om daar te gaan wandelen. Ik aanvaard geen aansprakelijkheid.

IMG_1532

IMG_1533

IMG_1541

IMG_1546

IMG_1547

IMG_1550

IMG_1559

IMG_1563

IMG_1572

IMG_1576

Terug

In Eenum bezochten we de voorstelling ‘Raif’ van Marlene Bakker. Het was een onderdeel van het festival ‘Terug naar het begin’.

De auto zetten we bij Jannie en Harry, naast het dorpshuis in Eenum, naast de peuterspeelzaal waarvoor dorpsgenote Ans 25 jaar geleden de kapstokjes maakte. We wandelden over het maar, langs het huis van tennismaatje Ingrid en langs de Kosterij naar de kerk. We aten even daarvoor een tosti bij Irma en Marjon in het dorpshuis van Leermens. We zijn terug waar het begon. We zijn in Zeerijp, Oosterwijtwerd, Eenum, Leermens. Ik ken er iedere kronkel in de weg, iedere boom, ieder huis, ieder nummerbord, iedere kerk.

We hadden zaterdagnacht Lasse te logeren. Ik viel laat in slaap, hij werd vroeg wakker. Ik wist daar in die kerk dus dat ik kwetsbaar was.

Ik hield me kranig.

In helder, voor mij nauwelijks te verstaan, Gronings zong Marlene Bakker over … over die wegen, de bomen, de huizen, de nummerborden, de kerkjes. Daar in dat door de tijd kromgeslagen eeuwenoude kerkje bovenop de wierde, klonk de klank van klei en siepels en motregen. Maar ook de klank van de ruimte en de hoge wolken en al die vertes met al die wierden en al die kerkjes. De klank van al die mensen die daar – Ton Elias ten spijt – eeuwen en eeuwen grond wonnen, grond ontgonnen, hun leven opbouwden, hun leven lieten.

Maar misschien zong ze wel over de FC en de aanbiedingen van de Lidl.

Hoe het ook zij. Na Eenum gingen we nog even terug naar Leermens alwaar filosoof en dichter Joke Hermsen een warm pleidooi hield voor stilstaan in het moment. Dat was mij wel toevertrouwd.


Nog wat links:
Marlene Bakker, Waarkhanden (YouTube)
Over het festival:  Terug naar het begin

Echtpaar

Zo’n 25 jaar reed ik 3 of 4 keer per week langs dit echtpaar. Je ziet hier wat ‘verknocht’ betekent. Zo’n 25 jaar dacht ik 3 of 4 keer per week: ‘Dit moet ik op de foto zetten.’

Mijn tennismaatje had een andere datum in haar agenda voor onze date. En zo kon dat voornemen dat ik me 25 x 52 x 3,5 keer voornam eindelijk gerealiseerd worden. Maakt u zelf de som.

Het land, de lucht, de klei en de kerk

Het was zaterdag, het einde van de ochtend. We reden naar Leermens en stopten even om het uitzicht in te nemen.  Er was geploegd. Elders was al weer  geëgd en ingezaaid. Maar niet hier. Hier lagen de brokken klei nog klei te zijn. Grondstof.

Draai een slag naar rechts en zie het oneindige land tussen hier en verder, het land voorbij het Damsterdiep, voorbij het Eemskanaal. Kaal, vlak, met hier en daar een pluim boom. Wat riet in de sloot. En misschien wel de boemel van Stad naar Delfzijl.

Draai nog een slag naar rechts en zie de grote toren van de Petrus en Pauluskerk, de trotse beeldbepaler van de skyline van Loppersum.

En nog een slag, precies. De kerk van Zeerijp. Met z’n lage vrijstaande toren. Stoer, robuust.

En dan dat kranige kerkje op de wierde van Eenum. Hoog, een beetje eenzaam, lief, om met Eberhard van der Laan te spreken. Het verzet zich dapper tegen de stormen van vader Tijd, tegen de secularisatie en het botte, nietsontziende geweld van de NAM en zijn kompanen.

En eindeloos veel lucht. Ruimte. Stilte.

Met de auto volgeladen gingen we terug. We verhuisden datgene wat we op voorhand dachten nodig te hebben voor al die weekendjes en weekjes in ons oude huis. Eén nachtje heb ik er geslapen. Vreemd hoe het gaat.

Laat dit het laatste blogje van 2017 zijn. En dat we dan ergens in 2018 verder gaan. Fijne dagen en een heel gelukkig nieuw jaar.

 

Nieuwe schoorstenen in Loppersum

Twee kant-en-klare schoorstenen
Twee kant-en-klare schoorstenen

In Loppersum en omgeving wordt bij veel huizen de schoorsteen preventief verwijderd. De kans dat bij een beving de schoorsteen loskomt, is te groot, vindt de NAM. In plaats van de stenen schoorsteen plaatst men een aluminium schoorsteen beplakt met steenstrip. Dat doen ze knap. Je moet echt je best doen om vast te stellen of er een echte schoorsteen op het dak staat of een neppe.

Is dat erg? Laat ik eerst een andere vraag opwerpen. Stel dat al die verhaaltjes van mij volkomen verzonnen zijn? Stel, Leermens bestaat niet eens. En stel dat dat uitkomt. Ik zou me – als ik u was –  besodemiederd voelen. Ik zou deze stukjes niet meer lezen. Een leugen, ook dat leugentje om bestwil, is dodelijk voor de geloofwaardigheid.

Dat is ook bij bouwwerken zo. Echtheid telt. Let op, binnenkort komt er een soort lichtgewicht dubbelgeïsoleerd plaatmateriaal in de handel dat beplakt is met houtstrookjes of baksteenstripjes. Bevingsbestendig. Voor je het weet verandert dit gebied in Madurodam op ware grootte. Trouwens, die kerktorens, hoe staat het daarmee? Of zijn die al vervangen?

Het kerkje van Eenum. Let eens op de spits. Echt of nep?

Blied dat Joe der binn’n

‘Een land in noodverband’ Dat is de titel van het Klein verslag in Trouw van vandaag. Boevink doet Groningen deze week. Gisteren was hij onder andere in Leermens. Hij beschrijft de schoonheid van ons land. De rust. De stilte. De dauw op het land na een nacht nachtvorst. De kraakheldere hemel gisteravond. Nee, dat laatste zag ik toen ik ’s avonds laat thuis kwam. Al die sterren. Al die sterren.

Kerk van Eenum, foto Wim Boevink
Kerk van Eenum, foto Wim Boevink

Boevink schrijft ook over de stutten en de steigers die hier op sommige plekken de boel overeind houden: ‘Noodverbanden van een stil onheil. Gelittekend Groningen.’ En zo siert een foto van mijn gestutte dorpshuis, mijn buurhuis zijn artikel.

Ik was gisteren in Ugchelen en Bruggelen. Prachtig, mooi, heerlijk, maar ik had graag in Leermens staan hakselen op mijn pleintje om Boevink te kunnen wijzen op nóg een werkelijkheid.

Dat noodverband dat enkele panden hier in Groningen siert, is ook een NAM-dingetje. De NAM is een ingenieursbedrijf. Ze pompen ons gas uit onze grond en dat is een “tricky bussiness”. Hun ziel en zaligheid stoppen de mannen van de NAM daarom in veiligheid, in het uitsluiten van risico’s. En in het uitsluiten van potentiële risico’s. En in het uitsluiten van situatie die mogelijkerwijs een potentieel risico zouden kunnen vormen, op termijn.

En dus verwijdert men godbetert her en der preventief een schoorsteen. En dus legt men hier en daar preventief steunberen neer. Aan de NAM zal het niet liggen. Maar uitzonderingen daargelaten – en die zijn er echt – gaat het toch vaak om scheuren in muren en stucwerk. Niet fijn maar ook niet levensbedreigend.

Als jongetje van 5 kreeg ik voor mijn verjaardag een rode Persilfiets. Het was die dag net zo mooi weer als vandaag. Ik fietste ermee richting de dijk aan de Jan van Duivenvoordestraat. En crashte onmiddellijk in het prikkeldraad. Het litteken dat ik daar aan overhield heeft mijn rechterbeen nog lang gesierd. Ik vond het wel stoer. Het gaat een tijdje duren, maar ook Groningen komt er bovenop. En tot die tijd moeten we met elkaar proberen van de lasten toch ook maar de lusten te maken.

Ik wil maar zeggen. Medelijden hoeft niet, solidariteit daarentegen is erg welkom. En toeristen. Boevink citeert het bordje in de kerk van Eenum: ‘Blied dat Joe der binn’n.’ Zo is het maar net.