Spugen in de zee waarop je vaart

Vorige week eindigden we de werkweek met dit gedicht van Jan Elburg:

NIETS VAN DAT ALLES

Zoals matrozen zingen …
maar matrozen zingen niet:
zij spugen in de zee,
zij kennen de achterkanten van steden
en de voorkant van de koude wind;
matrozen zingen niet.

zoals de vogels vrolijk …
maar hun vrolijkheid is vluchten:
zij zijn beschoten,
hun jong is dood.
(zij kennen geen droefheid ook).

zoals de zon …
maar zie het rode stof rond boekarest.
wolken? zijn koude mist.
de klaproos? onkruid.
zand: zand.
water: water.

een mens weet nauwelijks wat de mens is.
de dichter weet alles van niets.

U heeft nog recht op een bespiegeling op dit gedicht.

Wat staat er nu eigenlijk? Het is alsof de dichter ons iets wil vertellen maar het niet onder woorden kan brengen. Dus neemt hij zijn toevlucht tot een metafoor. Maar het werkt niet. De metafoor wordt vrijwel onmiddellijk onderuit gehaald door de werkelijkheid. Matrozen zingen namelijk niet. In de tweede strofe wordt de metafoor al een stuk beknopter en blijkt het opgewekte getwinkeleer van de vogels niets anders dan angstig gefluit. En de zon? De zon is niet prettig, de zon verbrandt de velden. Het is alsof de dichter een metafoor oppert en hem onmiddellijk zelf weer van tafel veegt. Tot er geen metafoor meer overblijft. Wolken zijn koude mist, een klaproos is onkruid, zand is zand en water water.

Een metafoor is een vergelijking. De werkelijkheid laat zich niet vatten in een vergelijking. Zand is niet als zand. Zand is zand. De vierde strofe is anno 2013 misschien wat moraliserend. We weten niet wat we zijn, wie we zijn. En dat dichters daar toch uitspraken over trachten te doen, dat is wel erg hooggegrepen. Maar daar was het Elburg en zijn collega’s wel om te doen: met taal een vinger krijgen achter het raadsel dat leven is. De titel van de bloemlezing luidt dan ook: ‘Ik zie scherper door de taal’.

In dit gedicht gebeurt dat ook. Want of we nu willen of niet. We zien spugende matrozen, de zee, vrolijk vogels, zielige vogellijkjes, rood stof rond Boekarest, klaprozen, zon, zand en water. Dat zorgt voor spanning en tegelijk een diep besef van vergeefsheid. Spugen in de zee waarop je vaart.

Jan Elburg, Moerpoes. 1952
Jan Elburg, Moerpoes. 1952

Jan Elburg is niet zielig

elburgmoerpoes
Jan Elburg, Moerpoes. 1952

Laatst kocht ik een bloemlezing uit de gedichten van Jan G. Elburg, ‘Ik zie scherper door de taal’. Waarom? Ik bedoel, waarom kocht ik dat boek? Ik heb het een leven lang gered zonder deze bloemlezing. Toen ik die ochtend wakker werd wist ik niet dat ik het miste. Toen ik de boekwinkel binnenkwam wist ik niet dat ik het ging kopen. Toen ik bij de kast met poëzie stond zocht ik niet bij de E van Elburg.

vijf5tigersHoe ging het dan wel? Het boek lag op tafel en ik dacht: ‘zielig’. Jan Elburg was een van de vijf vijftigers, vijf dichters die begin jaren vijftig stevig aan de weg timmerden. Lucebert was de gekroonde keizer, Kouwenaar de ongekroonde denker en Campert – Campert werd later zeer succesvol. En dan had je Schierbeek en Elburg. Ze deden ook mee. Ik kende het werk van Elburg nauwelijks. Ik dacht dus ‘zielig’ en kocht het boek.

Elburg was vast van alles maar beslist niet zielig. In zijn inleiding schrijft Jan van der Vegt over Elburg: ‘Hij was een experimentator met poëzie die het romantisch realisme, het symbolisme en het surrealisme had uitgeprobeerd en – dat is het belangrijkste – het idee dat hij met zijn gedichten moest behagen en de eeuwigheid zoeken, achter zich had gelaten.’

Dat zou ik ook wel willen kunnen: de behaagzucht achter me laten.

NIETS VAN DAT ALLES

Zoals matrozen zingen …
maar matrozen zingen niet:
zij spugen in de zee,
zij kennen de achterkanten van steden
en de voorkant van de koude wind;
matrozen zingen niet.

zoals de vogels vrolijk …
maar hun vrolijkheid is vluchten:
zij zijn beschoten,
hun jong is dood.
(zij kennen geen droefheid ook).

zoals de zon …
maar zie het rode stof rond boekarest.
wolken? zijn koude mist.
de klaproos? onkruid.
zand: zand.
water: water.

een mens weet nauwelijks wat de mens is.
de dichter weet alles van niets.

Mag ik binnenkort hier nog wat over schrijven? Want zo makkelijk is dat niet: alles weten van niets.

%d bloggers liken dit: