Much ado

Zo’n Koningsdag in Stad, is dat een beetje leuk? Wij worden door iedereen gewaarschuwd voor het feest dat zich hier op ons kerkhofje schijnt af te spelen de avond vóór het feest. De preparty als het ware.

Dit jaar is echter alles anders. Van een preparty zal geen sprake zijn. Bij het Martinikerkhof zijn de fietsenrekken weggehaald. Ook de bankjes zijn pleite. Vanochtend vroeg gingen de prullenbakken. Een meneer van een groenbedrijf snijdt as we write de graskantjes bij langs de paden. Extra beveiligingscamera’s zijn opgehangen. De bomen op het kerkhof zijn gesnoeid: losse takken vallen niet meer. En tien tegen 1 dat ze binnenkort ook het grasveld maaien. Jammer van de bolletjes maar de koning houdt van een strak gazonnetje.

Ik betwijfel of ons vorstenhuis ook maar iets meekrijgt van alle inspanningen.

Zelf zorg ik er altijd voor om na schoonmaakwerkzaamheden iets achter te laten waardoor mijn vrouw ziet dat ik deed wat ik deed. Een geel doekje, vuil en vergeten. Of een schilderijtje dat wat scheef hangt. Het is kinderachtig maar in ons beider belang. Zij kan haar blijdschap over het resultaat uiten en ik weet zeker dat mijn inspanningen niet onopgemerkt zijn gebleven.

Of burgemeester Peter den Oudsten ergens langs het pad een geel doekje achterlaat, ik betwijfel het. En zo’n schilderijtje is hem te klein. Maar zo’n toren …

Tompoucen

Natuurlijk. Koningsdag is een cadeautje. Een vrije dag die je niet verdiend hebt. Je kunt nog zo voor een allesomvattende, permanente abdicatie zijn, een gegeven paard kijk je niet in de mond, je gaat de dag niet verpesten met werken.

Maar wat doe je dan?

We wisten het niet goed. Een rommelmarkt? Tja. Naar Stad? Tja. Even dreigde het daardoor een verloren dag te worden. Maar we kozen voor Leermens. We kozen voor tuinieren en televisiekijken. Souverein schoffelend ging ik door m’n tuin. Mijn vrouw hield de troonswisseling in de gaten. Alles verliep volgens plan.

Hoewel. Ik was vergeten om tompoucen te kopen.